Home
 Markt
 Foto's
 Links
 Contact
 
ANHBC
Jubileumshow
Agenda
Tentoonstelling
Assendelfter
Noord-Hollands hoen
Algemeen
 
Assendelfter en Noord-Hollandse Blauwen Club

Erfelijke afwijkingen hij pluimvee.

Vaak stelt men aan een keurmeester of fokker de vraag "is dat erfelijk?" men bedoelt dan door de regel dat de afwijking die bij een dier geconsta­teerd is ook van invloed is op het nageslacht. Laten wij voorop stellen dat alles erfelijk is bij levende wezens om de doodeenvoudige reden dan zonder erfelijke eigenschappen geen voorplanting mogelijk is. Als het gaat om afwijkingen dan gaat het om de vraag of die afwijking ook te voorschijn komt bij de nafok.

We onderscheiden twee soorten nl afwijkingen die beide ouders overbrengen en afwijkingen die een van de beide ouders op het nageslacht overbrengt. Het vreemde is dat beide ouders de afwijking niet vertonen. De aanleg kan aanwezig zijn maar hoeft niet te voorschijn te komen.
Komt nu die abnormale erfelijke aanleg van beide ouders tegelijk in het kuiken dan is de kans groot dat het kuiken het niet overleefd we zien dat bijvoorbeeld bij kort potige hoenders.
Kuikensterfte wijdt men vaak aan de manier van broeden, de fokker denkt vaak aan fouten in het broedproces of aan de verstrekte voeding aan de ouderdieren.
De bekende Amerikaanse onderzoeker App onderzocht 900 bevruchte eieren die allemaal afgestorven kuikens bevatten ruim 60% daarvan vertoonde abnormaliteiten in de meeste gevallen betrof dit de ogen en hersenen.
Bij ingeteelde dieren vond hij veel verkeerde ligging in het ei. Cole beschrijft een eigenaardig geval waarbij de kuikens op de 12e dag afsterven. Het nog kleine embryo vertoonde een overmatig aantal tenen, de ogen stonden dicht bij elkaar en de snavel was geheel misvormd.
De oorzaak bleek een haan te zijn die 20 jaar daarvoor gebruikt was.

Dat zoiets mogelijk is maakt een onderzoek erg moeilijk want velen weten niet meer wat voor fokmateriaal voor 20 jaren geleden gebruikt is.
Landauer beschrijft een factor welke kiemen doet afsterven. Door verkorting van de bovensnavel kan het kuiken niet door de eischaal heel pikken en sterft als gevolg daarvan in de dop. Ook zijn gevallen bekend, waarbij de veeraanleg normaal was, maar waarbij de veren niet uit de veerzakjes groeiden zodat de kuikens voor zover ze geboren werden bijna geheel naakt waren.

De meeste kuikens stierven echter een paar dagen voor het uitkomen af en bij degenen die uitkwamen bedroeg de sterfte in de eerste 6 weken 55%. Fokproeven van een naakt kuiken met een normaal bevederd dier tonen aan dat dan alle kuikens weer normaal bevederd zijn. Werden deze weer onderling gekruist dan treed weer de wet van Mendel in werking en is ongeveer 25 % onbevederd.
De meest bekende factor die bij fokkers voorkomt is de letale factor. Deze erffactor veroorzaakt de dood in de dop. Het is een misverstand dat deze alleen bij fokzuivere kortpotige voorkomt er zijn legio letale factoren die dood in de dop veroorzaken, zoals het ontbreken van nieren of totale dijbeenverkorting of wat nog extremer is het ontbreken van 1 been of zelfs van beide loopbenen. Men heeft in het verleden ook proeven genomen om weerstand bij pluimvee tegen bepaalde ziekten te onderzoeken.

Van pullorum staat vast dat bepaalde genen weerstand kunnen ontwikkelen tegen deze aandoening. Resumerend: erfelijke afwijkingen kunnen te voorschijn komen maar uiten zich het sterkst bij nauwe familie teelt, bij ingrepen van buitenaf zoals bestraling, extreme temperatuurschommelingen en inspuiten van bepaalde stoffen in het ei kunnen ook veranderingen veroorzaken maar dat is een ander chapiter.

Hilbert Pater.

 
© 2008 Assendelfter en Noord-Hollandse Blauwen Club